Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief

Delfzijl, 16-6-2021

Nu de hitte Nederland vanaf vandaag in de greep krijgt, nemen ook de onweerskansen toe. DE vraag die dan automatisch op tafel komt, is hoe zwaar het gaat worden?

De belangrijkste ingrediënten voor de vorming van zwaar onweer in de zomer zijn hitte (voor de energie die de explosief groeiende buienwolken nodig hebben), vocht en als het een beetje meezit ook veel wind in de hogere delen van de atmosfeer. Laten we die verschillende onderdelen voor de komende dagen eens langslopen en zien wat eruit komt.

Energie

Omdat de temperaturen vanaf vandaag en eerst in elk geval tot en met vrijdag, maar daarna mogelijk ook weer op zondag en zelfs maandag zover stijgen, is er aan energie voor eventuele buien in de atmosfeer geen gebrek. Wolken ontstaan in stijgende luchtkolommen. Hoe harder de lucht in zo’n kolom omhoog gaat, hoe zwaarder een bui kan worden.

Het mooist vanuit het perspectief van de bui is het als de warmte, die zich aan het aardoppervlak oppot, niet meteen naar boven verdwijnt, maar eerst een tijdje wordt tegengehouden. Een warme luchtlaag, op enige hoogte boven het aardoppervlak, kan dit verzorgen. In hogedrukgebieden heb je, door dalende luchtbewegingen, vaak zo’n warme laag op 1 tot 2 kilometer hoogte.

Vandaag is die warme laag er ook en zo sterk dat de warmte vanaf de grond er waarschijnlijk niet of nauwelijks doorheen zal breken. Stapelwolken kunnen wel ontstaan, maar groeien niet door. Buien worden dan ook niet verwacht, als is de kans ook weer niet helemaal nul.

Morgen wordt het nog warmer. In delen van het land kan de temperatuur tot 35 graden oplopen. Het is dan de vraag of de ook morgen aanwezige warme laag die hitte aan de grond onder zich weet te houden. Er is een kans dat die hitte vanaf de grond erdoor breekt. Dan ontstaat plaatselijk een eerste warmte-onweer. Grootschalig gebeurt dat nog niet. En, omdat er nog niet heel veel vocht in de atmosfeer zit, zal het met de neerslaghoeveelheden op dat moment nog meevallen.

Vocht in de lucht

Daarmee komen we bij het tweede ingrediënt terecht dat bij de vorming van onweersbuien een belangrijke rol speelt: vocht in de lucht. Om de enorme wolken te laten ontstaan, waarmee onweersbuien gepaard gaan en die zoveel water zich meedragen, is in de lucht een enorme hoeveelheid vocht nodig: water in zijn gasfase, oftewel waterdamp. Die waterdamp komt op zee in de lucht terecht, maar kan ons pas bereiken als de wind vanaf zee gaat waaien. Morgen gebeurt dat in de loop van de dag. Dan wordt het ineens ook erg benauwd buiten.

Het vocht van morgen komt overigens niet alleen van onze eigen Noordzee, maar ook vanuit Frankrijk, waar eerder al lucht van zee binnendringt. Je kunt het zelf volgen. Hoe zuidelijker en later zuidwestelijker de wind wordt, hoe meer vocht er in de lucht zal zitten.

Wind, hoog in de lucht

De opbouw van onweerswolken gaat het beste, als het op grotere hoogte flink waait. Een harde wind in de wolkentoppen heeft hetzelfde effect als een harde wind boven de schoorsteen. Die wind genereert ‘trek’ en de stijgende lucht profiteert daarvan en gaat nog harder stijgen. In het weer is het wat dat betreft simpel: hoe harder een luchtkolom stijgt, des te extremer zijn de weersverschijnselen die zo’n stijgende luchtkolom teweeg kan brenger. En des te zwaarder wordt dus het onweer.

Is het vandaag wat de wind betreft hoog boven Nederland eerst nog relatief rustig in de atmosfeer, in de loop van de dag trekt de zuidelijke wind ver boven het aardoppervlak snel aan en komt dus de ‘trek’ op gang waarvan zich eventueel vormende buienwolken kunnen profiteren.

Het spoorboekje

Nu we dit allemaal weten, kunnen we voor de komende dagen een heel voorlopig spoorboekje uitzetten. Vandaag gebeurt er dus nog vrijwel niets, omdat de lucht nog vrij droog, de warme luchtlaag boven het aardoppervlak nog vrij sterk en de wind op hoogte eerst nog relatief zwak is. De kans is niet nul, maar echte buien worden vandaag nog niet verwacht.

Morgen is de buienkans al groter. Een eerste gebied lijkt in de ochtend over de Noordzee naar het noorden te trekken en doet mogelijk Zeeland en de andere westelijke provincies al voorzichtig aan. In de middag kan op de lijn, waarop de wind naar zuid tot zuidwest draait, al een eerste warmte-onweersbui ontstaan, vooral in de oostelijke helft van het land. Dat onweer is nog niet grootschalig.

Frankrijk in de gaten houden

Boven Frankrijk kunnen tegelijkertijd wel de eerste zware buien ontstaan, op een klein lagedrukgebied dat zich daar ontwikkelt en dat de lucht er net wat harder laat stijgen. Omdat er ook daar veel energie en vocht beschikbaar is, ontwikkelen die buien zich vanaf het moment dat ze beginnen te groeien explosief. De toppen van de wolken kunnen er wel tot 13 of 14 kilometer hoogte doorschieten. Onder zulke wolken zijn zware regen, grote hagel en zware windstoten mogelijk. In de loop van morgenavond komen die buien het zuidwesten van Nederland binnen.

In de nacht naar vrijdag kan het dan zwaar onweren, mogelijk voornamelijk in de westelijke helft van het land, maar het is zeker niet gezegd dat de rest van het land niet getroffen wordt. Die eerste golf aan buien trekt vrijdagochtend dan via het noorden het land uit.

Vrijdag overdag wordt door de oplopende temperaturen, op veel plaatsen kan het weer tussen 27 en 32 graden worden, opnieuw energie opgebouwd voor een volgende golf aan buien. Vocht en wind op hoogte zijn er genoeg, dus nu kunnen de buien ook in Nederland ontstaan. Dat gebeurt in de loop van de middag en in de avond en nacht trekken ze verder naar het noorden. Ook dit kunnen weer zware buien zijn die plaatselijk met hagel, wind en veel regen gepaard kunnen gaan.

Zaterdag is het, omdat de wind tijdelijk naar het westen draait, even wat koeler. Nadat de laatste buien in de ochtend via het noorden het land zijn uitgetrokken, blijft het droog en wisselen wolken en de zon elkaar af. Het wordt dan in de middag van west naar oost 20 tot 27 graden.

Zondag opnieuw warm en buien

In de nacht naar zondag komt een volgende storing vanuit het Frankrijk naar het noorden. De wind zoekt opnieuw de zuidoosthoek op en een volgende portie met vochtige en warme lucht dringt binnen. Opnieuw wordt aan alle voorwaarden voor de vorming van stevige regen- en onweersbuien voldaan. In de nacht al kunnen ze voorkomen, in de loop van zondag overdag ontstaan ze opnieuw. Het wordt dan 25 tot 30 graden en het zal wederom benauwd zijn buiten de deur.

Ook maandag kan dit onweersachtige weer nog aanhouden, maar daarna lijkt het een aantal dagen koeler te worden, met temperaturen die tot een niveau van tussen 20 en 25 graden terugzakken. Nog steeds kan dan af en toe een bui vallen, maar omdat er die dagen minder energie voorhanden is, zullen dit in het algemeen minder zware buien zijn dan de buien die de komende dagen ontstaan.

Bron: weer.nl