Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief

Delfzijl, 13-10-2021

Veel mensen in Nederland wreven zich in de ochtend van maandag 13 oktober 1975, vandaag precies 46 jaar geleden, de ogen uit toen het in een groot deel van het land ineens begon te sneeuwen. Op diverse plaatsen in vooral het binnenland groeide de sneeuwlaag tijdelijk tot tussen 2 en lokaal zelfs 5 centimeter aan. Omdat de sneeuw bij temperaturen iets boven het vriespunt viel, kwamen dikke vlokken omlaag. Tijdens de onverwachte sneeuw werd zo voorzichtig gereden, dat veel mensen die dag te laat op hun werk kwamen.

Nog altijd is het sneeuwdek van 13 oktober 1975 het vroegste ooit in Nederland gemeten. Twee jaar eerder, in 1973 had het op 17 en 18 oktober ook al gesneeuwd in vooral het oosten en zuidoosten van Nederland, waar actieve sneeuwbuien overtrokken. Bijna 30 jaar later, in 2003 gebeurde het nog een keer, toen op de 24ste. Maar nooit eerder en ook niet daarna ontstond een sneeuwdek op 13 oktober, zoals in 1975 wel het geval was.

1975 was een bijzonder weerjaar

Een bijzonder weerjaar was 1975 hoe dan ook. Eerst beleefden we de zachtste winter ooit, die nog jarenlang zou blijven staan, daarna begon de zomer recordkoud met tijdens de start van de junimaand hier en daar nog lichte vorst en in de avond van 2 juni in Midden-Nederland lokaal nog recordlate sneeuwval. Eerder die dag waren ook delen van Engeland al op bijzonder late sneeuwval getrakteerd. Hier en daar werd het er zelfs wit.

De zomer verliep daarna warm met van 29 juli tot en met 15 augustus een hittegolf (de eerste sinds 1948!!!) die meteen 18 dagen duurde. Het is nog altijd de langste hittegolf die het weerstation van het KNMI in De Bilt ooit heeft kunnen aantekenen. En toen kwam dus de recordvroege sneeuw van 13 oktober, slechts 133 dagen na de laatste sneeuwval in de eerste junidagen. En zijn jaren waarin op weerkundig gebied minder is gebeurd..!

De aanloop naar de sneeuw was koud

In de aanloop naar de sneeuwval op de 13e vormde zich een hogedrukgebied in de buurt van Schotland dat zich in de richting van Scandinavië uitbreidde en later boven Polen terechtkwam. Aan de oost- en zuidflank ervan stroomde met een noordoostelijke en later oostelijke wind koude, vanuit het noordoosten van Europa afkomstige lucht naar Nederland. Vooral op 12 oktober, de dag voor de onverwachte sneeuwval, was het prachtig, zonnig weer. Na een nacht met in het noordoosten lichte vorst (minimumtemperaturen daar rond min 1 graden) werd het overdag op de meeste plekken rond 10 graden.

In de nacht naar maandag 13 oktober daalden de temperaturen tijdens opklaringen opnieuw tot waarden rond het vriespunt. De dauwpunten lagen nog wat lager omdat de oostelijke tot noordoostelijke wind behoorlijk droge lucht aanvoerde. Tegelijkertijd naderde vanuit België een neerslagzone die in de vroege ochtend het zuiden van Nederland bereikte. Zo op eerste gezicht waren de omstandigheden voor sneeuw marginaal. De lucht was wel koud, maar op een hoogte van 1500 meter vroor het niet meer dan 1 of 2 graden. Onder normale omstandigheden is dat in Nederland veel te weinig om sneeuw te kunnen krijgen.

Bijzondere omstandigheden

Maar de omstandigheden waren die dag niet normaal. De combinatie van de droge, noordoostelijke tot oostelijke wind en de neerslagzone die toch redelijk actief was, maakte dat de temperatuur van de hele luchtkolom, als gevolg van de doorvallende neerslag, door verdamping en de daarbij behorende daling van de temperatuur, toch tot in de buurt van het vriespunt kon afkoelen. En zo ontstond een situatie waarin de sneeuwvlokken alsnog de grond wisten te bereiken, zonder wezenlijk te smelten. En begon het op steeds meer plaatsen, tot verbazing van alles en iedereen, vanuit het zuiden te sneeuwen.

De avondkranten stonden er later die dag vol mee. Nog nooit eerder werd Nederland zo vroeg als toen op een eerste sneeuwdek getrakteerd. Koude foto’s stonden erbij, uit Rotterdam, uit Amsterdam en uit Utrecht. De mooiste werd misschien wel in Barneveld gemaakt, waar je dikke vlokken omlaag ziet komen op een toch al behoorlijk witte ondergrond. Het plaatje is op en top winters. En dat terwijl de bladeren nog aan de bomen zaten. In Midden-Nederland ontstond een dek van tussen 2 en 5 centimeter.

Terug uit Italië

Zelf was ik op dat moment 7 jaar oud en kwam die dag terug van een vakantie met mijn ouders en broers vanuit Toscane in Italië. Het was daar aan de Middellandse Zee nog heerlijk warm geweest, maar de laatste dagen voor ons vertrek waren steeds vaker zware onweersbuien vanaf de zee het land opgekomen. Toen we door de Apennijnen terugreden naar Milaan, waar vandaan de autoslaaptrein ons naar Den Bosch zou brengen, ging de regen hoog in de bergen over in sneeuw. Als kinderen vonden we dat natuurlijk prachtig.

Eenmaal terug in Nederland was de verbazing nog veel groter toen we daar flinke sneeuwresten in het landschap zagen. Ik herinner me nog hoe we later die dag bij mijn opa en oma in Terschuur (vlakbij Barneveld) op bezoek waren en hoe mijn opa vol vuur vertelde over de sneeuwval van eerder die dag. Het gebaar dat hij met duim en wijsvinger maakte om aan te geven hoe groot de sneeuwvlokken waren, ben ik daarna nooit meer vergeten..

Het was nog niet op

Met de sneeuwval van dat moment was het bijzondere weer nog niet op. In de winter van 1976 raasde in de nacht van 3 op 4 januari een zware storm over Nederland die wij als kleine kinderen bij onze andere opa en oma in Nunspeet beleefden. Ook die gebeurtenis was onvergetelijk. Toen er later die winter een mooie vorstperiode kwam, ingeleid door een dik pak sneeuw, was mijn belangstelling voor het weer definitief gewekt. De rest is geschiedenis.

Bron: weer.nl