Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief

Delfzijl, 13-7-2020

De meteorologische zomer van 2020, die 1 juni van start ging, is alweer bijna op zijn helft. Sommige mensen hebben het idee dat de zomer tot nu toe koel en nat is verlopen. Maar de cijfers laten een heel ander beeld zien en suggereren dat we afgelopen zomers flink verwend zijn.

De meteorologische zomer, die 16 juli alweer aan zijn tweede deel begint, heeft zich van meerdere kanten laten zien. Eind juni was sprake van een regionale hittegolf, terwijl juli in 30 jaar niet zó onstuimig is begonnen. Juli viel tot nu toe dus flink tegen voor vakantiegangers in eigen land, maar juni heeft flink wat zomerweer gebracht.

Vrij natte eerste helft zomer goed voor de natuur
Qua neerslag tapt de zomer uit een ander vaatje dan afgelopen voorjaar. Met gemiddeld 129 mm over het land tegen 105 mm normaal is de eerste helft van de zomer nat begonnen, maar van plek tot plek kan de hoeveelheid neerslag sterk verschillen. Op veel plaatsen is amper 100 mm gevallen, terwijl in delen van Brabant en Zuid-Holland meer dan 200 mm naar beneden is gekomen. Tot nu toe viel op 5 dagen ergens in het land minstens 50 mm en dat is opvallend veel. Normaal hebben we over het hele jaar 10 van dit soort natte dagen. In de vorige eeuw was dit nog gemiddeld 5. De regen was in ieder geval hard nodig, want afgelopen voorjaar was het neerslagtekort nog extreem groot. Inmiddels is nog steeds sprake van een flink neerslagtekort, maar hoort 2020 niet meer bij de 5% droogste jaren.

Warme zomer en zeker niet somber
Tot vandaag heeft de zon gemiddeld over het land 297 uur geschenen en daar komt vandaag nog circa 13 uur bij. Komende dagen hebben we tijdelijk meer bewolking, waardoor de eerste helft van de zomer ruim 310 uur zon heeft.

Normaal is dit 307 uur.
De temperatuur ligt tot nu toe in De Bilt op 17,0 graden tegen 16,2 graden. Daarmee is het dus warmer dan normaal. Deze ‘normaal’ is de gemiddelde temperatuur over de periode 1981-2010. Kijken we echter naar de vorige eeuw, dan was de gemiddelde temperatuur over de eerste helft van de zomer 15,4 graden. Deze eeuw is dat al 16,8 graden geworden, een stijging van bijna anderhalve graad! Je zou dus kunnen zeggen dat de zomer volgens de huidige standaard tot nu toe iets aan de warme kant is verlopen, terwijl deze zomer tientallen jaren geleden nog als ‘zeer warm’ werd beoordeeld. Sinds 1901 zijn namelijk slechts 16 zomers warmer begonnen dan de huidige, waarvan 6 uit deze eeuw. En daar horen ook 2018 en 2019 bij.

Vaak warm
Het aantal tropische dagen van ten minste 30 graden (1) en het aantal zomerse dagen van 25 graden of warmer (8) is voor De Bilt precies normaal. Maar vandaag hebben we alweer de 27e warme dag in de pocket, waarbij het kwik boven 20 graden uitkomt. Normaal staat de teller halverwege de zomer pas op 22 warme dagen. Door deze grote hoeveelheid warme dagen is de gemiddelde zomertemperatuur nu ook hoger dan gebruikelijk. Vorig jaar en twee jaar geleden hadden we echter nog wat meer warme en zomerse dagen dan dit jaar.

Veel mooi-weerdagen
We tellen deze zomer in De Bilt al 26 mooi-weerdagen tegen 17 normaal. Op een mooi-weerdag is het droog, schijnt de zon meer dan de helft van de tijd dat hij kan schijnen en is het warmer dan normaal. Wat dat betreft hebben we dus niks te klagen! Vorig jaar hadden we tot nu toe 19 mooi-weerdagen en in 2018 maar liefst 32. In 1976 hadden we nu al 39 mooi-weerdagen tegen 3 in de slechte zomer van 1962.

Toch voelt de zomer minder voor veel mensen, omdat de zomervakantie pas nét is begonnen en de eerste dagen van juli sinds 1990 niet zo onstuimig zijn geweest. Kijken we echter naar de hele eerste helft van de zomer, dan was de gemiddelde windsnelheid landelijk nauwelijks hoger dan de normaal van 15,5 km/u.

Zomer volgens nieuwe klimaat dus heel normaal
We kunnen dus concluderen dat de eerste helft van de zomer volgens de ‘nieuwe normaal’ uit deze eeuw niet bijzonder is verlopen. Het is aan de warme en natte kant, maar de zon scheen ook flink en daardoor was het vaak heel aardig weer voor buitenactiviteiten. In een normale Hollandse zomer zit Nederland vaak op de grens tussen het stabiele hete zomerweer boven Zuid-Europa en het koele en wisselvallige weer in de noordelijke gebieden van Europa. Daardoor is het vaak wisselvallig en wisselen hete en koele dagen elkaar af, maar kan het zomaar ook weken lang wisselvallig en koel zijn.

In de vorige eeuw kwam het zelfs regelmatig tot zeer natte en koude zomers, waarbij de temperatuur nooit boven 30 graden uitkwam en soms zelfs amper boven 25 graden. De laatste koele zomer hadden we in 2011 en ronduit fris verliep de zomer voor het laatst in 1993, met in De Bilt geen hogere maximumtemperatuur dan 29,0 graden en het aantal zomerse dagen was op één hand te tellen. Zoiets is nu al niet meer voor te stellen. We zijn na afgelopen zomers gewend aan flink wat warme en zonnige zomerdagen.

Inmiddels hebben we dan ook afscheid genomen van het oude Nederlandse klimaat en is het klimaat van West-Frankrijk onze nieuwe norm. En dit is dan het klimaat wat Frankrijk in de vorige eeuw had, want ook daar wordt het steeds heter. Het jaar 2018 sloeg alles in ons land, met in De Bilt maar liefst 55 zomerse dagen. In het Limburgse Arcen kwam het kwik 89 keer boven de 25 graden uit. De verwachting is dat we in de toekomst vaker van dat soort hete zomers gaan krijgen. Uit onderzoek blijkt dat in het opwarmende klimaat de koudste en warmste dagen van het jaar het snelst opwarmen.

Bron: Weer.nl